Met grote ogen kijken we stilzwijgend toe. De broers staan stijf op hun poten en kijken elkaar doordringend aan. Geen van beiden gaat door zijn poten.
‘Broertje,’ keft Broer zacht dreigend, ‘ik heb jou naar die gemeenschap gestuurd om gemakkelijk prooien binnen te halen. Ben jij door hen besmet?’
‘Fffffff,’ Ramschaap en ik vullen geschrokken onze longen en ongewild houd ik de ingeademde lucht vast, luisterend naar de reactie van Raarschaap die niet Raarschaap blijkt te zijn…
‘Er is èchte liefde tussen deze dieren. Ik heb de intense droefheid van Haas gezien om zijn Vooi. Onze schuld Broer! Zij vechten niet om de baas te zijn. Hun dienen is wederzijds. Ik zie het verdriet om Lamprei en hun gezamenlijke zoektocht… Bij Vregio mag je zijn wie je bent,’ Raarschaaps stem jankt fluisterend weg.
‘Groeaaahahaaaa,’ lacht Broer spottend en schampert, ‘zijn wie je bent? Als dat het geval is, vinden ze het goed dat jij Lamprei verorbert. Wat ben je voor een wolf!?’
‘Eén die wil zijn zoals de Schepper bedoeld heeft.’
‘Geloof jij in hún sprookjes?’ grauwt hij neerbuigend.
‘Wij horen niet te doden Broer. Dat staat in de geboden van onze Maker. De wereld gaat er kapot van en je krijgt vijanden.’
‘Hoeahahaha, ik lach me ziek om jou Broer. Er is niemand die ons de baas kan! Als ik slim en snel genoeg ben, ontren ik de hoeven van elanden en bizons, en zijn ze mij bovendien tot voedsel. En dat ik slim en snel ben? Daar is geen twijfel over mogelijk!’ Zijn wrede grijns is breed, en zijn witte tanden blinken in het maanlicht. ‘Bovendien, klein broertje,’ vervolgt hij laatdunkend, ‘waarom heb jij dan jouw bekkorf afgegooid? Dat mag toch niet? Nu kan jij in de verleiding komen om af te slachten en jouw honger naar vlees stillen. En daarnaast? Dood is dood. Dan voel ik niets meer! Je moet pakken wat je pakken kan in dit leven. Genieten omdat het nog kan!’
‘Dat is juist mijn punt Broer. Er is wèl leven na jouw dood. Eeuwig leven… Ach Broer, ik gun het jou zo! Schepperszoon is ook voor jouw zonden gekruisigd en gestorven. Maar Hij heeft ook de dood overwonnen, door op te staan uit de dood! Je hoeft het alleen te geloven Broer…,’ zijn jank sterft treurig weg, om vervolgens weer hartstochtelijk defensief te verheffen. ‘Het is toegestaan mezelf te verdedigen! Met bekkorf is dat onmogelijk.’
‘Pfffuh… Je spreekt jezelf tegen en met dubbele tong, addergebroed! En kom nu niet wéér met jouw sprookje aan. Ik tolereer dat niet, klein broertje! Jij ontwijkt mijn vraag. Waar is Lamprei? En al die andere dieren die hier gevangen zaten? Nou!???’
‘Ze zijn weg en komen niet meer terug.’ Moedig kijkt Raarschaap hem strak en nogmaals doordringend aan. Zijn staart steekt recht achteruit.
Broer laat zich echter niet intimideren, en kruipt onheilspellend grommend over de bosgrond richting onze grote held. Klaar om het gevecht met zijn jongere broertje aan te gaan…
Ik knel de poot van Ramschaap bijna af. Mijn ademhaling versnelt.
‘Waar is Verkrasser?’ fluister ik wanhopig.
‘Heb vertrouwen, Haas,’ hoor ik ineens de lichte warme snavel van Vredepijler. Hij is onopvallend op de kop van Ramschaap neergestreken. Turend door de kier van de hut. De eerste tekenen van de nieuwe morgen verschijnen, wanneer mijn hazenhartje verschrikt een slag overslaat. Een grote sprong met wijd opengesperde bek, teruggetrokken lippen en wit glinsterende snijtanden…
Nee! Niet onze held!
Wederom houd ik ontsteld mijn adem in.
‘Vooi,’ fluister ik verward gebroken. De zoveelste eenzame traan rolt over mijn wang…
Hersenspinsels:
- Wat? Raarschaap is geen schaap maar een wolf! Zijn de schapen niet waakzaam geweest? Hoe waakzaam ben ik eigenlijk? En jij? Lezen wij trouw Gods Woord? Nemen wij de waarschuwing in Mattheüs 7 vers 15 wel serieus?
- In 1 Samuel 16 vers 7 lees ik dat wij alleen kunnen zien wat voor ogen is. De HEERE ziet echter het hart aan. Hoe kan ik dan toch waakzaam zijn? Ik breng opnieuw Handelingen 20 vers 17 tot en met 32 onder jouw en mijn aandacht... En lees ook Mattheüs 7 vers 24 tot en met 29. Hoe is het met ons hart gesteld? Delen we het open en oprecht met elkaar?
- Een wonder is er gebeurd! Raarschaap, die een broer blijkt te wezen van Broer, heeft zijn Schepper leren kennen en wil geen dieren meer doden. Zijn ogen en hart zijn open gegaan door de onderlinge liefde en bereidwillige dienstbaarheid in "Vregio". Dit in tegenstelling tot zijn Broer, die het maar sprookjes vindt... In Lukas 15 vers 10 staat hoe groot de blijdschap is, wanneer één zondaar zich bekeert. Herkennen wij deze blijdschap? Of lijken wij op Jona, beschreven in Jona 3 en 4? Die niet in Ninevé wilde profeteren/prediken dat de stad over veertig dagen zou worden omgekeerd. Met het risico dat de bevolking hem zou geloven en zich zouden bekeren tot de HEERE. Jona werd zelfs boos toen dit gebeurde! Zijn wij in zo'n situatie ook boos? Of juist blij? En dankbaar?
- Hoeveel èchte liefde ervaren wij in onze kerkelijke gemeente? En hoeveel liefde geef ikzelf? Hoe dienstbaar ben ik aan de ander? En jij? In mijn gedachten zie ik tijdens de paasmaaltijd, Jezus de voeten van de discipelen wassen... Wassen wij ook de voeten? Of wassen wij liever de oren van de ander?
- In Lukas 19 vers 1 tot en met 10 horen we over de ontmoeting van de Heere Jezus en de oppertollenaar Zacheüs. Ooit heb ik horen zeggen dat we bij God mogen komen zoals we zijn... Vind jij dat ook? En mag je tevens blijven wie je bent? Hoe zie je dit "vertaald" bij Zacheüs en zijn ontmoeting met de Heere Jezus? Hier is een link naar geloofstoerusting, ter ondersteuning van deze vraag.
- Raarschaap probeert liefdevol het Evangelie te delen met Broer. Deze spot er alleen maar mee en wil hem zelfs doden! In een gesprek met iemand waarvan ik veel houd, vertelde die persoon ook niet in God te geloven. "Dood is dood," waren bovendien haar woorden. Diezelfde woorden die Broer uitsprak. Dat deed pijn! Gelukkig was mijn gesprek niet zo heftig als dat van Broer met Raarschaap. Liefdevol zelfs. Ook van haar kant. Maar..., ik vond het wel heel moeilijk. Wanneer je 2Korinthe 6 vers 14 leest, is het niet verstandig een relatie te hebben met een ongelovige. Hoe lezen jullie dit Bijbelgedeelte? Hoe gaan jullie hiermee om? Broer en Raarschaap zijn familie. Wat zouden jullie Raarschaap adviseren?



Geen opmerkingen:
Een reactie posten